
Het gaat om een gloeilamp met een gebogen glazen behuizing die geen gelijkmatig thermisch veld kan creëren. Hierdoor worden de cycli die normaal gesproken voorspelbaar zouden moeten zijn, verstoord. Temperatuurschommelingen veroorzaken thermische spanningen, waardoor er extra tijd nodig is voor herwerking en overwerk. Je hebt warmte nodig die precies op de gewenste plek terechtkomt – snel genoeg om het tempo bij te houden, en stabiel genoeg om het proces te kunnen herhalen.
Wat technisch gezien belangrijk is: We gebruiken kwartscomponenten in het infrarode gebied, omdat deze snel reageren en goed controle mogelijk maken. Een typische lamp werkt op 230–460 V en heeft een vermogen van 1–3 kW per lamp. De lengte van de lamp wordt aangepast aan de verschillende zones in de oven, zodat de warmtestraling overeenkomt met het profiel van het glas. De emitterarray zorgt ervoor dat er geen schaduwen of hete punten ontstaan. De reflectoren zorgen er bovendien voor dat de energie zich richt op het glasoppervlak, in plaats van de oven zelf. De uitgangssterkte van de lamp wordt afgestemd op de absorptie van gecoat en ongecoat glas, zodat je minder tijd hoeft te besteden aan het instellen van de parameters en meer tijd hebt om de producten te verzenden.
Dit werkt goed bij het verwarmen van gebogen glas. De lamp moet evenwichtige warmte leveren om de bocht in het glas te kunnen bereiken, en deze warmte lang genoeg vasthouden om een consistente tempering te verkrijgen. Dankzij deze opstelling kan het proces sneller worden uitgevoerd, zonder dat er problemen zijn met de temperatuur. Hierdoor zijn er minder optische afwijkingen, minder breuk door thermische spanningen, en is het proces stabiel genoeg voor het voorbereiden van het glas en het drogen van coatings. De energieverbruik neemt af, omdat de warmte precies daar terechtkomt waar het nodig is, en niet in het frame of de lucht.
De installatie is eenvoudig, maar het is belangrijk om voldoende ruimte te houden rondom het glas en de reflectoren. Zorg ervoor dat de lamp goed is gericht op het brandpuntpunt, en controleer of de spanning en de connectoren overeenkomen met die van de oven. Verwacht dat er veel stroom wordt verbruikt bij het starten van de lamp; plan je bedrading en koeling hierop in. Voor beste resultaten moet de uitgangssterkte van de lamp worden afgestemd op de emissiviteit van het glas. Regelmatig kalibreren is ook belangrijk, zodat het thermische profiel binnen de toleransen blijft.